Sorry, you need to enable JavaScript to visit this website.

Time out

Internationale beleggers hebben hun zorgen uitgesproken over het Nederlandse wetsvoorstel dat voorziet in een juridische timeout van een jaar bij ongewenste overnames. De zorgen van de beleggers lijken oprecht. Voor een open economie als de Nederlandse lijkt het effect van het middel erger dan de kwaal.

 

In een brief aan de Tweede Kamer heeft de Minister van Economische Zaken Henk Kamp een aantal opties voorgelegd om besturen van Nederlandse ondernemingen meer tijd te geven bij ongewenste overnames. Gedacht wordt aan het eenvoudiger maken van invoering van beschermingsmaatregelen, het verhogen van het minimum percentage voor gestanddoening van het bod, het invoeren van een minimumbedenktijd in het Besluit openbare biedingen en een wettelijke bedenktijd voor bestuurders van een jaar.

  

Daarnaast wil het kabinet een analyse doen naar sectoren met een vitaal proces (drinkwater, chemie, nucleair, betalingsverkeer, vlucht- en vliegtuigafdeling, scheepvaartafwikkeling, defensie en politie). En er wordt gekeken naar de reciprociteit van regelgeving in landen buiten de EU (o.a. de VS en China), want wat hier kan is daar niet altijd mogelijk.

 

Vooral het voorstel voor een mogelijke bedenktijd van een jaar heeft nogal wat stof doen opwaaien. In een brief aan Kamp spreekt het International Corporate Governance Network (ICGN), gesteund door 13 internationale institutionele beleggers , van een “veel te strenge maatregel die de aandeelhoudersbescherming beschadigt,  ten koste van goede corporate governance, effiënte markten en duurzaame waardecreatie.”

 

Aanleiding voor de maatregel waren de pogingen tot overnames van Unilever door Kraft Heinz en van AkzoNobel door PPG. Maar eerder was de discussie al aangewakkerd door de inspanningen van BPost om PostNL over te nemen. Sailliant detail is dat geen van deze bedrijven behoort tot de sectoren met een vitaal proces waar het ministerie nu naar gaat kijken.

 

AkzoNobel beschikt bovendien over een goed arsenaal aan beschermingsmogelijkheden en is effectief in bescherming genomen door de Ondernemingskamer. Het bedrijf is voor de overgrote meerderheid in handen van buitenlandse beleggers en speelt nauwelijks een rol in de Nederlandse samenleving. Verf is geen vitaal product en het hoofdkantoor van AkzoNobel biedt maar beperkte werkgelegenheid. Wel verkocht AkzoNobel ooit Organon aan MSD, dat relevante R&D activiteiten vervolgens grotendeels weghaalde uit Nederland.

 

Merkwaardig was eerder al de weerstand tegen de voorgenomen overname van PostNL door BPost. Een goed ontwikkeld postbedrijf uit een bevriend buurland dat uit strategische overwegingen een zieltogend en afkalvend postbedrijf wil overnemen met allerlei garanties. Het lijkt een prachtig aanbod, maar het mocht niet.

 

Het gevaar van de maatregelen is dat internationale beleggers zich terughoudender zullen gaan opstellen ten opzichte van beleggingen in Nederland. Dat kan gecompenseerd worden door meer investeringen van Nederlandse institutionele beleggers  in Nederland, maar die hebben al jaren geleden afstand genomen tot de Nederlandse markt. En met een groeiend risico van een hogere Dutch discount door de nieuwe regelgeving, wordt beleggen in Nederland er niet aantrekkelijker op. Een belangrijk gevolg hiervan is dat het aantrekken van kapitaal door Nederlandse ondernemingen aanzienlijk moeilijker en zeker duurder wordt.

 

Om hoogwaardige werkgelegenheid te stimuleren doet minster Kampt er waarschijnlijk verstandiger aan zijn resterende tijd als minister te besteden aan het afschaffen of verhogen van het bonusplafond voor banken. Met het binnenhalen van banken die London willen verlaten is waarschijnlijk meer te winnen dan met kunstmatige bescherming van matig presterende ondernemingen.  

   

Delen

Reageer (0 Reacties)